Vroeger verslond ik boeken. Niet letterlijk natuurlijk, want papier schijnt slecht te verteren. Maar ik kon er volledig in verdwijnen. Tegenwoordig verdwijnt vooral mijn aandacht. Niet in een boek, maar ergens tussen het plafond, de tuin en de zoveelste gedachte waar ik helemaal niets mee kan.
En dat irriteert me mateloos.
Driekwart van mijn dag breng ik door met nadenken over zaken die ik toch niet kan veranderen. De toestand in de wereld. Mijn eigen toekomst. De huizenmarkt. Waarom mensen zich gedragen alsof gezond verstand een betaalde abonnementsdienst is. Allemaal onderwerpen waar ik me druk over maak, maar waar mijn mening ongeveer net zoveel invloed op heeft als een goudvis op het klimaat.
Het vervelende is dat ik het zelf dondersgoed weet. Toch blijft mijn hoofd stug doorgaan. Alsof er bovenin een overijverige ambtenaar zit die denkt: Misschien lossen we het vandaag wél op als we er nog vier uur langer over piekeren.
Lezen zou een uitstekende remedie zijn. Tenminste, dat houd ik mezelf voor. Dus pak ik af en toe een boek of een blog erbij. En dan gebeurt er iets vreemds.
In plaats van ontspannen te genieten van een mooi verhaal, bekruipt me een gevoel van jaloezie. Geen afgunst, maar bewondering met een vervelend randje. Waarom kan die schrijver zo heerlijk beeldend schrijven? Waarom verzin ik zo’n vondst nooit? Hoe krijgen sommige mensen het voor elkaar om met een paar zinnen precies dát gevoel op te roepen waar ik drie alinea’s voor nodig heb?
Voor ik het weet ben ik niet meer aan het lezen, maar mezelf aan het afkraken. Dat schiet natuurlijk ook niet op.
Misschien is dat wel het probleem. Ik lees niet meer zoals vroeger. Ik lees als schrijver. Of beter gezegd: als een onzekere schrijver. Eentje die voortdurend denkt dat de rest beter is.
Terwijl ik diep van binnen ook wel weet dat die andere schrijver waarschijnlijk óók weleens denkt: Waarom schrijf ik niet zoals zij?
Kortom: we zitten waarschijnlijk allemaal jaloers naar elkaar te kijken, terwijl niemand nog een boek leest.
En dat verklaart misschien meteen waarom de boekhandel steeds stiller wordt.
Iedereen zit thuis uit het raam te staren… in de hoop dat iemand anders er een bestseller over schrijft.