Er zijn van die kamers in huis waar je liever de deur van dichthoudt.
Je weet wel… zo’n kamer waar je snel iets naar binnen schuift vlak voordat er bezoek komt. Waar dozen zich opstapelen alsof ze een eigen ecosysteem vormen. Waar een boekencast langzaam verandert in een opslagruimte met an attitude, waar planken dreigen te bezwijken onder de last.
Welkom in mijn logeerkamer.
Ooit bedoeld als een fijne plek voor vrienden en familie. Fris beddengoed. Een plantje op de vensterbank. Misschien zelfs een geurkaars. Maar ergens onderweg werd het een tussenstation voor “spullen waar ik later wel naar kijk”.
En toen overleed mijn moeder.
Ineens kwamen er dozen bij. Tassen. Servies. Fotoalbums. Sjaals die nog naar haar roken. Dingen waarvan ik rationeel wist dat ik ze niet allemaal kon houden… maar emotioneel ook absoluut niet kon wegdoen.
Dus zette ik alles in de logeerkamer.
“Voor later.”
Alleen bleek “later” een heel gevaarlijke datum.
De kamer werd voller. Mijn hoofd ook.
Het gekke aan rommel is: het is nooit alleen rommel.
Het zijn uitgestelde beslissingen.
Herinneringen. Schuldgevoel. Vermoeidheid. Nostalgie. Verdriet.
Elke keer als ik die kamer binnenliep voelde ik het. Niet alleen de chaos, maar ook een soort zwaarte. Alsof al die spullen fluisterden:
“Doe iets met mij.”
En eerlijk? Dat maakte me compleet lam.
Dus deed ik… niets.
Tot ik vanmorgen geen zin meer had in mijn eigen chaos
Ik stond met een kop koffie in de deuropening van de logeerkamer en dacht:
Dit kan zo niet langer.
Niet dramatisch. Niet met een inspirerende Netflix-montage op de achtergrond. Gewoon een heel helder moment van: ik wil weer lucht in mijn huis.
Dus besloot ik klein te beginnen.
Niet “de hele kamer vandaag”.
Niet “minimalistisch leven in 24 uur”.
Gewoon: één hoek van de kamer.
Wat ik leerde tijdens het declutteren
1. Herinneringen zitten niet in spullen
Ik hield een oud keukenschort van mijn moeder vast dat ik letterlijk nóóit zou gebruiken.
Maar toen besefte ik iets belangrijks:
ik hoef haar niet te bewaren in twintig dozen.
Mijn herinneringen aan haar zitten in verhalen. In gewoontes. In hoe ik soep proef en automatisch meer Maggi toevoeg “zoals mam het deed”.
Dat schort mocht weg.
De liefde bleef gewoon.
2. Niet alles hoeft een emotionele marathon te zijn
Sommige dingen konden verrassend makkelijk weg.
Drie kapotte lampen.
Vijftien vergeelde tijdschriften.
Een mysterieuze doos met kabels waarvan zelfs de NASA zou zeggen: “geen idee”.
Waarom bewaarde ik die eigenlijk?
3. Een opgeruimde kamer geeft bizarre rust
Na een paar dagen begon de vloer weer zichtbaar te worden. Mijn boekenkast kwam tevoorschijn alsof het archeologisch was opgegraven.
En ineens gebeurde er iets onverwachts:
Ik voelde me lichter.
Niet omdat alles perfect was. Maar omdat ik weer ruimte maakte. Letterlijk én mentaal.
De magie van een lege hoek
Op een avond liep ik de kamer binnen en zag ik een lege hoek.
Gewoon… leeg.
Geen dozen. Geen spullen. Geen “dat moet ik nog uitzoeken”.
En ik kan je vertellen: die lege hoek voelde luxer dan welke designstoel dan ook.
Rust is blijkbaar ontzettend stijlvol.
Mijn gouden declutter-regels
Voor iedereen met een overvolle kast, schuur, zolder of beruchte logeerkamer:
- Begin klein. Eén lade telt ook.
- Vraag jezelf af: gebruik ik dit, of bewaar ik schuldgevoel?
- Sentimentele spullen zijn het moeilijkst — wees lief voor jezelf.
- Maak “misschien”-dozen. Niet alles hoeft meteen beslist.
- Vier elke lege plank alsof je een marathon hebt gelopen.
Want eerlijk? Dat héb je eigenlijk ook.
En het einde van het verhaal?
De logeerkamer is nog niet Pinterest-perfect.
Ik kan me er weer bewegen.
Zonder eerst twaalf dozen te hoeven verplaatsen.
En vanmorgen liep ik langs de kamer, keek naar binnen en dacht:
“Mam zou trots zijn geweest.”
Waarschijnlijk zou ze daarna alsnog gevraagd hebben waarom ik die ene vaas had weggegooid.

Hoi... Ik ben Irene, bouwjaar 1967, en een gedreven schrijfster sinds 2002. Ik schrijf essays, columns en artikelen. Heb reeds een chicklit geschreven, ben werkzaam in de ICT en, tja, word thuis meestal wel herconditioneerd door mijn feline vriendje Coco en Shih Tzu, Kiki... 